| 1 | Bepaal eerst op welk gebied je jezelf wilt meten. Privé, je werk, maatschappelijk of anderszins. Vul dit boven op het formulier in. Wanneer je dit eenmaal bepaald hebt, dienen alle vragen met betrekking tot dit gebied beantwoord te worden. |
| 2 | In de meting wordt telkens gevraagd of je een bepaalde kwaliteit of eigenschap op het betreffende gebied inzet. Geef hierop een spontane reactie, ook al is misschien de realiteit genuanceerder. Bedenk dat er geen goede of foute antwoorden zijn. De test is bedoeld om te meten wat je zelfbeeld is, niet of het klopt in alle situaties. |
| 3 | Het formulier moet zonder onderbreking en in afzondering worden ingevuld. Invultijd is ca. 5 á 10 minuten. |
| 4 | De test heeft ook als doel om informatie te verschaffen over hoe feminiene en masculiene eigenschappen in de praktijk werken. De uitslag is daarom uitgebreid met relevante informatie. |
| 5 | In de meting krijg je telkens een eigenschap getoond. Je vult altijd wat in en kan kiezen uit de volgende mogelijkheden: |
| Nee: Je hebt de eigenschap niet of je zet deze niet in op het betreffende gebied | |
| Ja: Je zet deze eigenschap op het betreffende gebied regelmatig in |
Bijvoorbeeld:
|
Ik ben daadkrachtig |
Ja |
|
Ik heb gevoel voor humor |
Nee |
|
Ik heb een goed onderscheidingsvermogen |
Ja |